In Bennekom en de andere dorpen van de gemeente Ede wonen veel mensen met het bos of de heide vrijwel naast de deur. Dat is een groot voordeel voor wie van wandelen houdt. Tegelijk woont u zo naast een groot leefgebied van knaagdieren. Als de herfst invalt, zoeken ze een warme schuilplaats, en de kruipruimte onder uw woning staat dan hoog op hun lijstje.
Een kruipruimte is voor de meeste bewoners onbekend terrein. U opent het luik misschien alleen als de loodgieter komt. Toch is een jaarlijkse controle in het najaar een slimme gewoonte. Hieronder leest u hoe u dat veilig en grondig doet.
Voordat u het luik opent
Een goede voorbereiding maakt de controle een stuk prettiger. Kies een droge dag, want na veel regen kan er water in de kruipruimte staan. Zorg dat iemand anders in huis weet dat u onder de vloer zit. Een kruipruimte is laag en krap, en het is fijn als er iemand in de buurt is.
Leg deze spullen klaar:
- een felle zaklamp of hoofdlamp, zodat u beide handen vrij hebt;
- stevige werkhandschoenen en een stofmasker;
- oude kleding met lange mouwen;
- een telefoon om foto’s te maken;
- eventueel een stuk karton of een matje om op te liggen.
Ziet u bij het openen van het luik veel water, een sterke rotte lucht of beschadigde leidingen, ga dan niet naar binnen. Laat in dat geval eerst een vakman kijken.
Stap voor stap door de kruipruimte
Begin bij het luik. Kijk eerst rondom de opening voordat u verder gaat. Muizen gebruiken het luik soms als route naar de woonkamer. Keutels, knaagsporen aan de houten rand of plukjes isolatie zijn een eerste aanwijzing.
Laat de lamp langs de randen gaan. Muizen rennen liever langs een muur dan door het open midden. Schijn daarom eerst langs alle funderingsmuren. Let op kleine donkere keutels, sporen in het zand en plekjes waar de bodem plat getrapt lijkt.
Volg de leidingen. Water, gas, riool en elektra komen allemaal via de kruipruimte het huis binnen. Waar een buis door de muur of de vloer gaat, zit vaak een kier. Rafelige randen of knaagsporen op die plekken laten zien dat muizen er langs naar boven kruipen.
Bekijk de isolatie. Veel huizen in Ede hebben inmiddels een geïsoleerde vloer. Muizen houden van zacht isolatiemateriaal om een nest van te maken. Ziet u gaten in platen, losse plukken of een hoopje fijn materiaal in een hoek? Dan kan daar een nest zitten.
Zoek naar de ingang van buitenaf. Loop na de controle ook rond het huis. Bekijk alle ventilatieroosters in de gevel en de plek waar leidingen het huis binnenkomen. Een gebroken rooster of een opening bij de buitenkraan is vaak de toegang.
Leg alles vast. Maak foto’s van sporen en kijk over twee weken nog eens. Zijn er nieuwe keutels bijgekomen, dan zijn de muizen nog actief.
Ingangen dichten en de kruipruimte gezond houden
Een kruipruimte moet ventileren, anders wordt hij vochtig. Plak roosters dus nooit helemaal dicht. Vervang ze liever door exemplaren met fijnmazig gaas van roestvrij staal. Kleine gaten rond leidingen vult u met staalwol, afgewerkt met kit of mortel, want daar knaagt een muis niet doorheen.
Zorg dat het luik goed sluit en leg er eventueel een tochtstrip omheen. Haal oude spullen die in de kruipruimte zijn opgeslagen weg, zoals karton of oude isolatie. Hoe minder er ligt, hoe minder schuilplekken. Zet zelf geen gif in de kruipruimte. Een muis die daar sterft, is moeilijk terug te vinden en zorgt voor stankoverlast in huis. Gif is bovendien gevaarlijk voor katten en honden die er via een open luik bij kunnen.
Woont u aan de bosrand? Let dan extra op
In wijken als Kernhem en Veldhuizen ziet u vooral muizen die vanuit groenstroken en tuinen binnenkomen. In Lunteren, Otterlo en Harskamp, met bos en heide rondom, is de aanvoer van buiten groter. Daar loont het om de kruipruimte in november nog een tweede keer te bekijken.
Vindt u een paar weken na het klussen toch weer verse sporen, of hoort u ’s avonds geritsel onder de vloer? Dan heeft het weinig zin om eindeloos zelf door te modderen. Een specialist voor ongediertebestrijding Ede zoekt waar de dieren precies binnenkomen. U kunt er 24/7 terecht, en bij spoed staat er binnen 30 minuten iemand op de stoep.






